Sluiting van inrichtingen wegens ernstige aanwijzingen van drugs - zo snel mogelijk na de vaststellingen
- 21 apr
- 3 minuten om te lezen
In Aalst nam de Burgemeester op 12 februari 2026 het besluit om de publiek toegankelijke inrichting Cirque Mystic voor een periode van 1 maand, zijnde van vrijdag 13 februari 2026 om 20u tot en met donderdag 12 maart 2026 om 20u te sluiten. De sluiting werd door de Burgemeester opgelegd in het licht van de bevoegdheid waarover hij beschikt krachtens artikel 9bis van de Drugswet. Deze bepaling luidt als volgt:
"Onverminderd de bevoegdheden van de rechterlijke instanties en onverminderd de artikelen 134ter en quater van de Nieuwe Gemeentewet, kan de burgemeester, na voorafgaand overleg met de gerechtelijke overheden en indien dat noodzakelijk is voor de handhaving van de openbare orde, een publiek toegankelijke inrichting sluiten, indien ernstige aanwijzingen voorhanden zijn dat er illegale activiteiten plaatsvinden die betrekking hebben op de teelt, vervaardiging, verkoop, aflevering of het vergemakkelijken van het gebruik van giftstoffen, slaapmiddelen, verdovende middelen, ontsmettingsmiddelen, psychotrope stoffen, antiseptica, voorwerpen of stoffen die worden gebruikt voor de illegale vervaardiging van verdovende middelen en psychotrope stoffen. Dit is enkel mogelijk na de verantwoordelijke te hebben gehoord in diens middelen van verdediging.
De maatregel houdt onmiddellijk op uitwerking te hebben indien ze niet tijdens de eerstvolgende vergadering van het college van burgemeester en schepenen of het gemeentecollege wordt bevestigd.
De sluitingsmaatregel heeft een maximale duur van zes maanden, tweemaal hernieuwbaar. De beslissing tot hernieuwing van de maatregel zal onmiddellijk ophouden uitwerking te hebben indien ze niet op de eerstvolgende vergadering van het college van burgemeester en schepenen of van het gemeentecollege wordt bevestigd."
De redenen daarvoor hadden betrekking op een controle die werd uitgevoerd door de lokale politie in de nacht van 11 op 12 oktober 2025.
In de nacht van 11 op 12 oktober 2025 voert de lokale politie een controleactie uit, waarbij verdovende middelen worden aangetroffen bij een aantal bezoekers, in de feestzaal en op de openbare weg. Over deze vaststellingen stelt de lokale politie op 17 oktober 2025 een bestuurlijk verslag op.
Pas op 10 december 2025 werden betrokken partijen gehoord, waarna de Burgemeester pas op 12 februari 2026 de beslissing nam om de inrichting te sluiten.
De uitbater van de inrichting, alsook enkele andere partijen die onder meer evenementen organiseerden tijdens de periode van sluiting, trokken naar de Raad van State om het besluit van de Burgemeester te doen schorsen bij uiterst dringende noodzakelijkheid.
Daarbij oordeelde de Raad als volgt:
"12. Opdat de burgemeester rechtmatig op grond van artikel 9bis van de drugswet een sluiting kan opleggen, is vereist dat hij over ernstige aanwijzingen beschikt dat in de betrokken voor het publiek toegankelijke inrichting, illegale activiteiten plaatsvinden die betrekking hebben op de teelt, vervaardiging, verkoop, aflevering of het vergemakkelijken van het gebruik van onder meer verdovende middelen en psychotrope stoffen. De maatregel moet bovendien noodzakelijk zijn voor de handhaving van de openbare orde.
13. In casu gaan de ernstige aanwijzingen van druggerelateerde feiten, als bedoeld in artikel 9bis van de drugswet, terug op de vaststellingen van de lokale politie naar aanleiding van een evenement dat tijdens de nacht van 11 op 12 oktober 2025 in de feestzaal heeft plaatsgevonden, die met een bestuurlijk verslag van 17 oktober 2025 aan de burgemeester van de stad Aalst werden meegedeeld. De exploitant van de inrichting werd over die feiten en over het voornemen van de burgemeester om de inrichting tijdelijk te sluiten reeds gehoord op 10 december 2025.
Uit het vereiste van artikel 9bis van de drugswet, dat de sluiting van de inrichting noodzakelijk moet zijn voor het bewaren van de openbare veiligheid en rust, volgt op het eerste gezicht dat het nemen van dergelijke maatregel in de tijd zo nauw mogelijk moet aansluiten bij het ogenblik waarop het bestuur van oordeel is dat er sprake is van ernstige aanwijzingen van illegale activiteiten in de inrichting. Als dit niet het geval is, lijkt het optreden van de burgemeester immers niet noodzakelijk voor het bewaren van de openbare orde.
De verwijzingen in de bestreden beslissing naar de verstoring van de openbare orde, het onveiligheidsgevoel in de omgeving van de inrichting, het gevaar voor de volksgezondheid, de veiligheid van de bezoekers van de feestzaal en naar het gegeven dat ‘Cirque Mystic’ gelegen is in een drukke omgeving waar dagelijks veel minderjarigen, jongeren en feestvierders hun vrije tijd doorbrengen, zijn dermate algemeen dat ze op het eerste gezicht niet kunnen verantwoorden waarom het voor de handhaving van de openbare orde noodzakelijk is de inrichting te sluiten op grond van feiten die vier maanden eerder werden vastgesteld."
De Raad van State ging dan ook over tot het bevelen van de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van het bestreden besluit.
Het volledige arrest treft u hier.




Opmerkingen